Saturday, 10 February 2018

Wat een weertje...

En dit keer niet negatief bedoelt! Kijk eens wat een prachtige beelden ik deze week tegen kwam. Dat maakte de lange, koude rit naar mijn werk in één keer goed. 
Ik dien vast een verzoekje in: kan het altijd dit weer blijven? 

Oké, Oké, iets warmer is ook goed. Maar geen regen meer. Deal? Alleen 's nachts. Voor de plantjes. Zijn die ook weer blij ;) 




Ik geniet nog even na ;) 

Sunday, 10 September 2017

Pflaumenkuchen

Pruimen, ze zijn er nog net. Lekker! Wij hebben inmiddels de laatste pruimen uit oma's tuin gehaald en daarmee deze heerlijke Pflaumenkuchen gebakken. 

Pflaumenkuchen is van oorsprong een Duits recept en kent honderden varianten. Deze variant is lekker makkelijk. De kwarkbodem is heerlijk luchtig en niet zo zwaar. En de kruimeldeeglaag bovenop, zorgt voor een lekker krokantje. Traditioneel wordt deze cake op een vierkante bakplaat gebakken, maar in een ronde is het net zo lekker!

Deegbodem:
100 g. volle kwark
3 el. melk
4 el. olie
1 ei
75 g. suiker
½ pakje bakpoeder
200 g. meel

Vulling:
500 g. pruimen, ontpit en in kwarten

Kruimeldeeg:
150 g. meel
100 g. bruine suiker
7 g. vanillesuiker
80 g. zachte boter

Doe alle ingrediënten voor de deegbodem in een kom, en mix deze tot een glad deeg.
Verdeel het deeg daarna over de bodem van een ingevette ovenschaal.
Leg vervolgens de pruimen hierop (schilletje naar onderen).
Kneed vervolgens de ingrediënten voor het kruimeldeeg snel tot een kruimelig deeg en verdeel dit over de pruimen.


Schuif het geheel in een voorverwarmde oven van 170 graden en bak in ca. 45 minuten goudbruin en gaar.


Sunday, 3 September 2017

Boterkoek

Ken je dat? Dat je onverwacht bezoek krijgt en niks lekkers in huis hebt? En dan ook nét alle winkels dicht zijn? 

Wanhoop dan niet, want dan is boterkoek je redding! Dit recept is echt perfect, er volgens mij niets simpeler en sneller te maken, dat ook nog zó lekker is. Het duurt namelijk nog geen half uur, voordat je deze koek helemaal kant en klaar in je handen hebt. En ook de ingrediënten zul je waarschijnlijk gewoon in huis hebben. Bovendien is het een absoluut foolproof recept. Geen gedoe met mixen in meerdere delen. In één keer mixen, in de vorm, bakken en klaar! 
Nog beter aan dit recept? Je kan de boterkoek na het bakken ook invriezen!  Zo grijp je nooit meer mis, maar heb je altijd wat klaarliggen. 

En het allerbeste? De smaak! Ik ben echt dol op boterkoek, vooral als deze nog een beetje smeuïg is :) Dus ik zou zeggen, genoeg gepraat, maken dit! 



125 g. bloem
110 g. boter
44 g. basterdsuiker
64 g. suiker
Rasp van een halve citroen
18 g. geklutst ei (bewaar de rest  van het ei om af te strijken!)
Mespuntje zout

Eventueel: halve amandelen ter decoratie.

Verwarm de oven voor op 190 ˚C.
Doe ondertussen alle ingrediënten bij elkaar in en mix tot een glad beslag.
Vet een vorm in en strijk het beslag hier gelijkmatig over uit.
Als je wilt kan je de bovenkant nu nog versieren. Maak decoratieve groeven met een vork of leg nootjes in een mooi patroon neer.
Met het resterende geklutste ei strijk je de bovenkant af. Je hebt niet al het ei nodig! Een dun egaal laagje is voldoende, anders krijg je boterkoek met een laagje ei erop en je wilt alleen maar wat glans, geen omelet. 

Bak de boterkoek circa 14 minuten in de oven. Let op: hoe dunner je hem uitsmeert, hoe korter de baktijd wordt! Laat daarna nog minimaal 15 minuten afkoelen, voordat je de koek uit de vorm haalt. 

Voor deze hoeveelheid 'beslag' gebruik ik een ronde vorm van 19 cm. doorsnede. Voor mijn vierkante vorm van 22x22 cm. maak ik een dubbele hoeveelheid beslag. In dat geval wordt de baktijd ook iets langer. 



Friday, 18 August 2017

Food Waste Friday: Courghetti met kerstomatensaus

De zomer is bij uitstek een tijd van overvloed. Nu mijn ouders op vakantie zijn verzorg ik hun moestuin en de oogst die daar nu vanaf komt, mag ik natuurlijk opeten. Hartstikke lekker! Maar... dit was de opbrengst van gisteravond:


Ruim 2,5 kilo aan courgettes. En wij zijn maar met zijn tweeën.... 

Nu kan je de meeste groenten goed invriezen voor later gebruik, maar courgette wordt daar niet lekkerder van vind ik. Gelijk opmaken dus! 

Gelukkig zijn óók de tomaatjes goed aan het groeien. Kijk maar: 


En dat betekent dat ik het een en ander lekker kan combineren in dit heerlijk zomerse gerecht. Bomvol groente ook nog, Rens Kroes eat your heart out, gezonder dan dit wordt het bijna niet. 

Voordat je aan de slag gaat met dit receptje, een bekentenis. Ik hou niet zo heel erg van scherp eten, dus ik ben altijd héél voorzichtig met de hoeveelheid rode peper die ik erin doe. Ook omdat courgette en tomaat beide zacht van smaak zijn, die peper proef je dus al snel. Maar als je het graag wat pittiger wilt, dan kan dat natuurlijk gewoon. 

Eet smakelijk! 

Courghetti met kerstomatensaus 
Voor 2 personen 

400 g. kerstomaatjes
Een flinke scheut olijfolie
1 teen knoflook, fijngehakt
1 sjalotje, fijngehakt
Een kwart rode peper, zonder zaadlijsten, fijngehakt
2 el. Witte wijn
Citroensap
2 courgettes
Basilicum, fijngesneden

1. Rasp de courgette in smalle reepjes met een mandoline of ‘spiralizer’. Zet dit apart.
2. Maak ondertussen de saus: verhit de olijfolie in een pan, en voeg de knoflook, ui en peper toe. Fruit dit zachtjes. Voeg daarna de tomaatjes toe en bak deze even mee.
3. Doe ten slotte de witte wijn en een scheutje citroensap erbij. Breng het geheel aan de kook en laat daarna, al roerend, nog een paar minuten zachtjes doorkoken.  De saus zal nu een beetje indikken, dan is het goed. Breng het geheel eventueel nog op smaak met zout en peper.
4. Zodra je bij stap 3 de wijn en het citroensap erbij hebt gedaan, verhit je in een nieuwe koekenpan een klein scheutje olie. Bak hierin de courgettesliertjes kort op (een minuut of 3). Schep zodra dit klaar is de ‘spaghetti’ door de saus. Doe wat basilicum erbij en serveer direct. 


Ook heel lekker met gewone spaghetti overigens, dan laat je die courgette gewoon voor wat 'ie is. Dus mocht je nu geen 2,5 kilo courgette hebben om op te maken, maar wél 10 geopende pakjes pasta, dan is dat dus óók een aanrader. 



Saturday, 8 October 2016

Sinaasappel-chocoladetaart

Geïnspireerd door het herfstweer van de afgelopen dagen en onderstaande prachtige foto, maakte ik een heerlijke sinaasappel-amandelcake met chocoladefrosting. Misschien wel mijn lievelingscombi: chocolade en sinaasappel. 
Anyway, deze taart is niet heel moeilijk te maken, maar geeft een fantastisch eindresultaat. Je hebt alleen wat tijd nodig :) Gelukkig is het weekend, dus tijd genoeg om nog snel de boodschappen hiervoor te halen en aan de slag te gaan! 

Amy Chaplin Cake
De taart die als inspiratie diende. De taart op deze foto werd gemaakt door Amy Chaplin en vind je in haar book "At home in the whole food kitchen". De foto is gemaakt door Johnny Miller. 

Ik vind het effect dat kleine, hoge taarten hebben altijd erg mooi. Op de een of andere manier ziet het er daarmee gelijk een tikje luxer uit, dan in een normale springvorm.
Voor deze taart gebruikte ik daarom een springvorm van 20 cm. doorsnede. En omdat mijn oventje helaas heel klein is, maakte ik twee keer een cakebeslag. Heb je een grotere oven én 2 vormen, dan kan je probleemloos een grote lading beslag maken en in één keer beide taartjes bakken. Dat scheelt al snel veel tijd.

Niet zo'n groot taartje nodig? Maak er gewoon één en halveer de hoeveelheid chocoladefrosting.

Nodig voor 1 taart (20 cm. vorm):
100 g. witte basterdsuiker
75 g. kristalsuiker (ik gebruikte mijn vanillesuiker)
175 g. zachte boter
3 eieren
150 g. zelfrijzend bakmeel
100 g. amandelmeel
5 el. sinaasappelsap (= ca. sap van een 1/2 sinaasappel)
1 el. sinaasappelrasp (= ca. rasp van een 1/2 sinaasappel)

1. Verwarm de oven voor op 180 graden Celsius (heteluchtoven ca. 150).
2. Bereid je springvorm alvast voor. Vet deze in met wat boter en bedek de bodem met wat bakpapier. Zo kan je je taart na het bakken gemakkelijk lossen.
3. Doe de boter en suiker samen in een mengkom en klop dit tot een luchtig geheel. Deze stap duurt eventjes, dus wordt niet te snel ongeduldig.
4. Voeg daarna één voor één de eieren toe aan het beslag. Meng dit alles goed.
5. Voeg nu (in gedeeltes) het zelfrijzend bakmeel en het amandelmeel toe.
6. Als laatste voeg je het sinaasappelrasp en -sap toe. Klop het beslag nu nog even kort door en klaar!
7. Doe het beslag in de bakvorm en strijk de bovenkant glad.
8. Je vorm kan nu in de oven. Bak in circa 30 minuten goudbruin en gaar. Een (houten) prikker die je erin steekt, moet er schoon uitkomen.
9. Haal de gare taart uit de oven. Laat 5-10 minuten afkoelen, voordat je de taart uit de vorm lost. De taart kan je nu op een rooster laten afkoelen.

Nodig voor de chocoladefrosting:
200 g. pure chocolade (min.70% cacao)
300 g. zachte boter
200 g. poedersuiker
60 g. cacao
5 el. sinaasappelsap

1. Smelt de chocolade au bain-marie en laat daarna afkoelen tot kamertemperatuur.
2. Klop dan de zachte boter licht en romig.
3. Voeg bij de romig geklopte boter beetje bij beetje de poedersuiker en cacao toe, totdat het geheel een glad mengsel is.
4. Meng de gesmolten chocolade erbij.
5. Roer ten slotte het sinaasappelsap erdoor. En klop het beslag nog even (ca. 2-3 minuten) goed door, zodat de frosting mooi glad en glanzend wordt.

De taart samenstellen:
1. Snijd beide taartbodems horizontaal doormidden, zodat je vier lagen taart krijgt.
2. Leg de eerste taartlaag op een bord en smeer de bovenkant in met frosting. Leg hierop de tweede taartlaag. Bedek ook deze met frosting. Zo stapel je de vier taartlagen op elkaar.
Om een mooi afgewerkte bovenkant te krijgen, leg je de vierde laag met de onderkant naar boven.
3. Verdeel de rest van de frosting over de zijkant en bovenkant van de taart. Ik ben gegaan voor een grove afwerking en heb dus alles in één keer erop gesmeerd.
Je kunt ook eerst de gehele taart bedekken met een dunne laag. Laat zit opstijven voor een half uur in de koeling. Je kunt daarna de rest van de frosting er heel strak over verdelen.
4. Ten slotte nog de decoratie. Gebruik hiervoor geschaafde of gehakte amandelen, of chocoladevlokken. Druk ze zachtjes tegen de frosting aan. En klaar!

En zo ziet dat er dan uit:


Friday, 9 September 2016

Food Waste Friday: Kruidenboter

Over 2 weken is de herfst alweer begonnen. Tijd dus om wat van de zomer te vangen en te bewaren voor al die donkere, regenachtige herfstdagen! 

Als jouw tuin nu ook nog volstaat met lekkere kruiden, zoals basilicum, bieslook, peterselie en rozemarijn, dan is dit het moment om toe te slaan. Al die kruiden kan je namelijk verwerken in een heerlijke kruidenboter. Voordat ze allemaal zielig en verwelkt zijn. 

'Vroeger' kocht ik altijd kruidenboter. Het kwam nooit bij mij op, dat je dat nog veel gemakkelijker zelf kon maken. Dus toen ik een zelfmaakrecept tegenkwam, was dat ongeveer vergelijkbaar met de uitvinding van de elektriciteit. Wat een smaakexplosie. 100x beter dan wat je in een potje krijgt. En het is nog makkelijker dan naar de supermarkt lopen, om daar een bakje kant-en-klaar te kopen. 

Het mag eigenlijk niet eens de naam 'recept' hebben. Zo makkelijk is het. Dus, bij deze. Hoe maak je kruidenboter? 

Je hebt nodig:  
- Roomboter (zacht)
- Zeezout en peper (versgemalen is het allerlekkerst)
- Kruiden (welke je lekker vindt) 

Je doet:  
1. Alle ingrediënten bij elkaar. De kruiden snijd je natuurlijk eerst even fijn. 
2. Je mengt het geheel goed door elkaar
3. Je proeft of de kruidenboter goed op smaak is. 
4. Klaar!

Het lekkerst om de dag van tevoren te maken, want dan kunnen de smaken goed doortrekken. Het beste is, om bij de eerste keer niet teveel zout te gebruiken. De eerste keer was mijn kruidenboter wat te zout, de volgende dag proef je dat namelijk veel beter, zodra alle smaken goed zijn doorgetrokken! Wees daarmee dus niet te enthousiast. Teveel kruiden is mij nog nooit gebeurd, dus daarmee zit je behoorlijk safe. 

Mijn lievelingscombinaties 
Twee soorten kruidenboter zijn hier topfavoriet: 
- Italiaanse kruidenboter: Meng de boter met fijngesneden zongedroogde tomaat (op oliebasis), basilicum en zout/peper. 
- 'Gewone' kruidenboter: Op 1 pakje boter (250 g.) 1 teentje knoflook heel fijn hakken. Samen met fijngehakte peterselie, bieslook en basilicum door de roomboter mengen. Afmaken met wat zout en peper. 

Dus voortaan hoef je niet meer naar de supermarkt voor een bakje kruidenboter. In de tijd die je normaal nodig had om op en neer te fietsen, heb je nu de enige echte homemade kruidenboter!

Heb jij al eens eerder zelf kruidenboter gemaakt? 
En wat zijn jouw lievelingscombinaties? 

Friday, 26 August 2016

Zelfmaker: Lunchzakjes

Ik geef het maar direct toe, ik ben zo'n Pinterestverslaafde, met stapels mooie plaatjes en foto's. Waar ik dus regelmatig verlekkerd doorheen scroll, om er vervolgens niets mee te doen. Dat wil zeggen... tot nu toe!






Naar werk neem ik vaak brood mee, maar omdat ik een broodtrommel onhandig vind (want neemt veel ruimte in), doe ik dat elke dag in een plastic zakje. Hartstikke zonde eigenlijk, want zo verbruikte ik al ruim 200 zakjes plastic per jaar, alleen voor mijn lunch. Daarom was ik al een tijdje aan het kijken naar een betere oplossing. En die zijn er ook wel. Zo heeft KeepLeaf hele leuke zakjes. Met helaas een wat minder leuk prijsje. 

Gelukkig bood Pinterest dit keer uitkomst, want ik vond de Reusable Snack Bag! Zoek en gij zult bedolven worden onder de tutorials. Dus: aan de slag! 

Het eindresultaat is helemaal naar mijn zin. Een zakje biedt voldoende ruimte voor mijn lunch. En het voordeel is dat dit zakje bijna geen ruimte meer inneemt, als je je brood eenmaal op hebt. 
Nog meer voordelen: 
- mijn brood blijft lekker vers en droogt niet uit
- niet alleen geschikt voor brood, maar ook voor allerhande snacks. 
- de zakjes zijn wasbaar. 
- ik verspil nu ongeveer 200 zakjes minder op jaarbasis. Oftewel: minimaal 8 euro! Dus binnen 1 jaar heb ik mijn herbruikbare zakjes kostentechnisch al eruit!
- snel te maken. Met de eerste was ik het langste bezig (ongeveer 1,5 uur). Maar als je het eenmaal doorhebt, dan is zo'n zakje binnen een uur klaar. 
- prima geschikt voor restjes stof (afhankelijk van de maat die je kiest). 
- zelf maken betekent ook zelf je afmetingen kiezen!

Een leuke zelfmaker dus, die je nog precies kan maken, voordat het nieuwe schooljaar begint! 

Voordat we beginnen nog twee opmerkingen: 
- Je kunt elke gewenste maat kiezen die je maar wilt. Maak de afmetingen bij stap 1 groter of kleiner naar wens. De maten die ik hier gebruik, leveren een lunch bag op van 7 bij 11 cm (bodem) en 18 cm. hoog (als je het zakje sluit). 
- Ik gebruik aan de binnenkant geplastificeerd katoen. Ik vind het ideaal: het is wasbaar en je kunt het tussendoor eenvoudig met een doekje afnemen. Viezigheid kan je dus gemakkelijk afnemen en wordt niet door de stof opgenomen. Een zakje maken van alleen katoen kan natuurlijk ook. Ik koop geplastificeerd katoen altijd bij de Stoffendienst tijdens het Stoffenspektakel. Je betaalt ongeveer 6,50 voor een coupon van 50x140 cm. en daar kan je heel veel lunch bags van maken! 

Wat heb je nodig: 
- Geplastificeerd katoen 
- Soepele (katoenen) stof. Hier heb ik een dunne jeansstof gebruikt. 
- Een knoop 
- Eventueel een lintje 
- Een naaimachine (geplastificeerd katoen is heel stug, ik raad het niet aan om dat op de hand te naaien). 
- Garen in een geschikte kleur

Hoe maak je het:  
1. Knip uit beide lappen stof een rechthoek van 20x50 cm. 




2. Vouw beide lapjes dubbel met de goede kanten op elkaar en stik de zijnaden door. Je hebt nu dus losse 2 'zakjes'. 



3. Trek de bodem in een ruitvorm (zie foto). Teken vanaf de naad op 3 cm.* een lijn en stik deze door. Doe dit aan beide kanten, bij beide zakjes. 
* In plaats van 3 cm. kan je ook een andere afstand nemen. Hoe groter je de hoekjes maakt, hoe vierkanter je zakje wordt. Dus 2 cm. maakt een smal, rechthoekig zakje, 5 cm. zal een bijna vierkant zakje geven. Kies dus wat jij prettig vind, maar zorg dat de afstand bij alle hoeken gelijk is!




4. Zodra je alle vier de puntjes hebt doorgestikt, leg de de bodems van beide zakjes tegen elkaar aan (verkeerde kanten zitten dan op elkaar). Stik nu nogmaals over de hoekjes (je kunt over het stiksel stikken, dat je eerder al hebt gemaakt). 
Beide zakjes zitten nu aan elkaar vast. 
Deze stap kán je overslaan. Het voordeel om ze aan elkaar vast te naaien, is dat je zakje er wat steviger van wordt en de stof minder draait. 




5. Knip de hoekjes vlak langs het gemaakte stiksel af. 



6. Nu kan je het hoesje keren: bij mij komt de roze stof (geplastificeerd) aan de binnenkant en de spijkerstof wordt de buitenkant van het hoesje. 

7. Knip aan de bovenkant van je zakje ongeveer 1 cm. stof weg. Doe dit alleen bij de buitenste stof! In mijn geval knip ik dus 1 cm. van de spijkerstof. Zo maak ik de bovenkant egaal en kan ik het zakje afwerken. 



8. Nu kan je het binnenste hoesje om de buitenste heen vouwen (zie foto). Geplastificeerd katoen rafelt niet, dus je hoeft op deze manier geen extra zoompje te maken. 
Spelt de stof goed vast. En maak eerst even een proefje van wat restjes. De geplastificeerde katoen is wat stroef om te naaien, omdat het plastic direct op je stoftransport komt. Met een proeflapje kan je even voelen hoe jouw naaimachine hierop reageert. 
Stik daarna het randje om. Je lunchzakje is nu al bijna klaar! 




9. De laatste stap is het opnaaien van de sluiting. Ik heb een reepje spijkerstof vastgezet en een knoop. Op onderstaande foto zie je hoe het zakje sluit. 
Je kan ook een gesp- of houtje-touwtje-sluiting nemen. 




Et violà! Voor 6,50 en wat restjes die ik nog had liggen, heb ik nu meerdere lunch bags! 

Lijkt het jou iets? Zelf zo'n lunch bag maken? 
Ik ben benieuwd naar het eindresultaat, als je ook met deze tutorial aan de slag gaat!


P.S Nieuwsgierig geworden naar mijn Pinterest? Je vindt mij hier